Posts tonen met het label online. Alle posts tonen
Posts tonen met het label online. Alle posts tonen

vrijdag 29 juli 2011

Update: Awesome Amsterdam Facebook app voor Prenatal

Voor Prenatal hebben we een Facebook app ontwikkeld waarmee bezoekers hun leukste, grappigste of mooiste kinderfoto's kunnen uploaden en verspreiden. Je maakt daarbij kans op een Nikon D3100 t.w.v. €649,-.
Net als onze Nikon Facebook app verlaat je de pagina niet als je in de app actief bent zoals in veel (oude) apps nog wel het geval is.

Mooie actie toch? Meedoen dus!

Update: Het gaat goed met de Facebook app. Na nog geen twee weken bijna 150% meer likes en 272 foto's ge-upload. Mooie cijfers!

maandag 15 juni 2009

Semantische targeting: nog dichter op de content

Ik heb vandaag een interessante presentatie bijgewoond waar o.a. Dr. David Crystal uitleg gaf over het iSense Network van ad pepper media. Dit netwerk is gebaseerd op een gepatenteerde technologie die een volledige webpagina analyseert op inhoud en betekenis. Na deze analyse wordt de webpagina gecategoriseerd en wordt de juiste advertentie er aan gekoppeld. Als er op een website bijvoorbeeld het woord ‘depressie’ staat, analyseert iSense aan de hand van de context of het gaat over het weer, over psychologie of over de economische recessie. Hierdoor is ad pepper media in staat om advertenties binnen de juiste context te plaatsen en misplaatsingen te voorkomen.

Adverteerders en mediabureaus kunnen per contentcategorie advertentieruimte inkopen in plaats van per site (URL). Ad pepper media werkt met dertig hoofdcategorieën en ruim drieduizend subcategorieën. Hierbij valt te denken aan een subcategorie als autoverzekeringen’ binnen de hoofdcategorie ‘financiën’.

Met deze semantische aanpak wordt alle content op een webpagina geanalyseren en geclassificeerd waardoor je in staat bent effectief te focussen op contextueel relevante pagina’s van een groot aantal gestructureerde en ongestructureerde online media. Hieronder is de presentatie te zien.

woensdag 15 april 2009

Website Contact Center Live is live!

De afgelopen twee maanden heb ik me o.a. bezig gehouden met een mooi project namelijk het ontwikkelen van een nieuwe site, nieuwe corporate uitstraling en advertenties voor Contact Center live.
Contact Center Live biedt een flexibiele applicatie voor callcenters (ASP) waarmee heel simpel en snel een compleet virtueel contact center kan worden ingericht voor zowel inbound- als outbound services. Oftewel een complete, toegankelijke en flexibele applicatie. Die voordelen hebben we centraal gesteld op de site en in alle andere comunicatiemiddelen.

Met het ontwikkelen van de site hebben we tevens rekening gehouden met de vindbaarheid (SEO), navigatie en usability en het stimuleren van de conversie.
En dat alles vormgegeven in een mijn inziens zeer frisse, moderne en onderscheidende stijl die makkelijk een aantal jaar meekan. Oftewel ben heel tevreden met het eindresultaat dat in twee maanden is neergezet met een zeer beperkte investering.

Hieronder een drietal advertenties die de komende tijd in de vakbladen als CCM en Telecommerce en op de TCD te zien zullen zijn.

Compleet



Flexibel



Toegankelijk


Met veel dank aan Jurgen, Fred, Gert, Ernst en de opdrachtgevers Rob en Boudewijn.

woensdag 18 maart 2009

Spin Awards Inspiration Days Live

Als kleine zelfstandige werk ik tegenwoordig veel in Spaces. Spaces is een restaurant, lounge en businesscenter ineen. Niet alleen omdat het daar heerlijk werken is maar ook omdat ik betrokken ben bij een klus voor FortKnox die opereren vanuit de 5e verdieping van Spaces.

Deze dagen bruist Spaces van de creative ideeen als gevolg van de Spin Awards Inspiration days! Hier vind je het programma voor vandaag en morgen.

Dit is de live stream:

stream niet meer actief

maandag 16 maart 2009

Augmented Reality: communiceren met impact

Vandaag staat een mooi stuk op Frankwatching over Augmented Reality.

Augmented reality is een vakgebied dat zich hoofdzakelijk bezighoudt met het zo realistisch mogelijk toevoegen van computergemaakte beelden aan rechtstreekse, reële beelden. In plaats van informatie af te beelden op klassieke en geïsoleerde beeldschermen, wordt de data geprojecteerd in het gezichtsveld van de gebruiker, meestal door middel van een head-mounted display of head-up display. Het maakt het verschil tussen de reële wereld en de virtuele wereld steeds kleiner en zorgt tevens voor eenvoudigere en gebruikersvriendelijkere interfaces, ook voor complexere toepassingen.

Dit biedt prachtige en futoristische toepassingen waarvan hieronder een voorbeeld van Mini:


Vind dit een mooi voorbeeld hou je offline en online media zeer impactvol kan integreren. Heb helaas nog geen commerciele Nederlandse case kunnen vinden, maar dat dit fantastische mogelijkheden biedt, lijkt me duidelijk.

dinsdag 3 maart 2009

Prijs voor beste website

Ben op dit moment bezig om een nieuwe website te ontwikkelen voor een Callcenter software bedrijf en daarom extra gefocussed op zaken als vindbaarheid, navigatie, usability en conversie. Over een paar weken hoop ik het resultaat te kunnen delen, maar voor het zover is kan er gestemd worden op de beste site van afgelopen jaar volgens de Grand Prix Webcommunicatie.

De Grand Prix Webcommunicatie is een jaarlijkse competitie voor websites die aantoonbaar bijdragen aan de communicatiestrategie van een organisatie. Er zijn 11 inzendingen die doorgaan voor een bekroning. Naast de uitreiking van de prijzen door de vakjury, is een belangrijke plek ingeruimd voor de publieksprijs. Vanaf vandaag kan er via de website van de Grand Prix Webcommunicatie gestemd worden op de genomineerden.

Bekijk hier het videopersbericht:


Lijkt me goed dat dergelijke prijzen en vooral de achterliggende argumentatie meer aandacht krijgen want ik kom nog heel veel (nieuwe!) sites tegen die absoluut niet voldoen aan de eisen van deze tijd!

woensdag 25 februari 2009

Vraag het Hyvend Nederland: marktonderzoek 2.0?

Ik las op de blog van Yme Bosma (Manager Business Development & Partnerships van Hyves) een interessante post:
Een van de leukste toepassingen op Hyves, vanuit een professioneel perspectief, vind ik de mogelijkheid om Hyvers (en dus bijna heel Nederland;-)) iets te vragen via een poll. En om die vraag vervolgens heel specifiek te stellen aan een bepaalde groep mensen gedefinieerd aan de hand van geslacht, leeftijd, woonplaats, opleiding, relatiestatus, interesses, merkvoorkeuren, ga zo maar door. Binnen een dag krijg je makkelijk honderden tot duizenden antwoorden op de vraag die je hebt, voor bijvoorbeeld een marketeer of politicus zou dat een goudmijn kunnen en moeten zijn.
Om eens wat meer te testen met de mogelijkheden en onmogelijkheden ben ik een Hyve gestart,
De Vraag Vandaag, waar ik dagelijks een vraag zal uitzetten aan een of meerdere groepen mensen. Ik begon met een vraag over Geert Wilders, daarna even gekeken hoe Wouter Bos het doet, getest wie het meest optimitisch is in deze crisistijd, Sonja Bakker geevalueerd, en vanochtend de resultaten gepubliceerd van 11.000 antwoorden op de vraag of flirten kan terwijl je in een relatie zit.

Elk poll kost ongeveer 5 minuten om op te zetten, onmiddelijk heb je de eerste antwoorden, en het is een stuk goedkoper dan een martonderzoekbureau (al mag ik die vergelijking vast niet maken;-)). Mijn ervaring tot nu toe is dat rond de 2% van de mensen die de advertentie ziet (met daarin de poll) ook daadwerkelijk antwoord geeft. De prijs voor het adverteren van een Hyves-onderdeel (zoals een poll) is 1 euro per 1000 vertoningen (zonder targets), dus dat komt neer op 20 antwoorden voor 1 euro, of 5 cent per antwoord…
Heb jij een vraag die ik moet voorleggen aan (Hyvend) Nederland? Kijk dan even
hier!

Lijkt me inderdaad een hele snelle, makkelijk en goedkope manier om de 'stemming' te peilen. Vraag voor mij is nog in hoeverre je doelgroepen kan uitsplitsen of iets kan zeggen over andere variabelen dan sexe en leeftijd. Marketeers, ik zou zeggen probeer het eens!

De strategie achter de Obama campagne uitgelicht

Prachtige presentatie van Paul van Veenendaal (socialmedia8) en Igor Beuker (lacomunidad) over de Obama campaign. Schijnt dat er zo'n 250 verschillende bronnen zijn gebruikt om tot deze 126 (!) slides te komen.

Voor de liefhebber heeft Edelman een analyse gemaakt van Barack Obama’s Social Media Toolkit

maandag 23 februari 2009

Fabchannel-concerten bij Bol.com


Bol.com heeft op zaterdag 21 februari het concert van jazzmuzikant Wouter Hamel in het Amsterdamse Paradiso live uitgezonden via zijn website. De registratie van het concert lag in handen van Fabchannel, een partner van Bol.com die standaard vrijwel alle concerten in Paradiso opneemt en online uitzendt.

De twee bedrijven gaan nauw samenwerken op het gebied van internetuitzendingen van concerten. Daartoe is besloten na een eerdere proef met een concert van Milow. Dat was on demand te zien via Bol.com en dat bleek een groot succes.
Bol.com wil op deze manier zijn klanten muziek laten ontdekken en artiesten met een groter publiek in contact brengen. De mediawinkel zegt de eerste in zijn soort te zijn die klanten op deze manier live-materiaal aanbiedt.

dinsdag 17 februari 2009

Brandfighters.com: Platform voor User Generated Viral Video's


De man die zondag tijdens wereldbekerwedstrijden in Thialf in een berenpak het ijs oprende deed mee aan een door Brandfighters.com georganiseerde wedstrijd. Mediatalenten kunnen via dit platform geld verdienen door een viral te ontwikkeling voor een merk.

Merken wordt op dit platform de mogelijkheid geboden om opdracht te plaatsen voor het ontwikkelen van een viral video. De talenten gaan met de opdracht aan de slag en zodra de video’s zijn goedgekeurd komen ze via de site van Brandfighters direct op Youtube. De meest bekeken video’s worden beloond met prijzengeld. De site positioneert zichzelf naar jongeren toe met de zin: ‘Creeer virals, werk aan je portfolio en verdien geld.’ Brandfighters is een initiatief van Jan Paul de Beer, junior online strateeg bij Crossmarks.

Het filmpje in het Thialf-stadio, gemaakt door een 25-jarige student Communicatiewetenschap uit Amsterdam, werd gemaakt in opdracht van energiedrank Go Fast dat als pay-off ‘Hoeveel lef heb jij?’ heeft. Doordat duidelijk bleek dat schaatser Sven Kramer niet van de actie was gediend, kreeg hij een stadionverbod van een jaar voor zijn actie. Zijn filmpje staat door alle media-aandacht wel bovenaan in de competitie. (Via Adformatie)

vrijdag 16 januari 2009

De geschiedenis van internet

Van 1957 tot heden. Hoe zat het ook al weer?
Vrij technisch maar leuk eens zo te zien.


History of the Internet from PICOL on Vimeo.

donderdag 15 januari 2009

Ben je al gepookt? Het einde van het visitiekaartje?



Waar je ook nieuwe vrienden ontmoet, je kunt meteen je sociale netwerken delen de Poken. Je hoeft geen ingewikkelde profielnamen meer te onthouden, door aanraking van twee Pokens worden de profielen gedeeld. Via de USB-uitgang kan alle informatie op een computer worden bekeken en opgeslagen.

Hoe werkt het?Poken is een USB-stick voorzien van een hand. Wanneer je de USB-stick in de computer plugt worden je nieuwe contacten in de database geladen. Je kiest welke sociale netwerk profielen (Facebook, LinkedIn, Hyves, etc) je wilt delen met de mensen die je ontmoet. In de database wordt bij ieder sociaal netwerk het logo van het netwerk geplaatst waar degene een profiel heeft. Wanneer mensen meer gegevens van je willen zien kunnen ze eenvoudig op de link klikken. Hetzelfde geldt voor de mensen van wie jij meer informatie wilt zien.Op de Poken site kunnen jij en je vrienden je contacten zien, daarnaast kun je er berichten aan elkaar versturen, groepscontacten aanmaken, notities maken en nog veel meer.

woensdag 7 januari 2009

10 (vernieuwde) inkomstenbronnen Google 2009

Eduard Blacquière (EdWords.nl) had vorige week een heel mooi artikel op Marketingfacts over de ‘nieuwe’ inkomstenbronnen voor Google in 2009. Dergelijke overzichten dagen uit om met een eigen Top 10 (in dit geval) te komen en heb dan ook mijn interpretatie van zijn lijst hieronder weergegeven.

Tot voor kort was eigenlijk vrijwel elke dienst van Google gratis en zonder advertenties. Deze strategie is zeer succesvol gebleken en daarmee hebben ze veel mensen aan het merk Google weten te binden, waarmee ze hun positie nog sterker hebben gemaakt. Vervolgens is Google sterk gebleken in het integreren van allerlei relevante diensten om de gebruikers altijd naar de zoekmachine te sluizen. En daar wordt het geld verdiend aan de AdWords advertenties.

1. Versoepeling richtlijnen Google AdWords

Google AdWords kenmerkt zich door strikte richtlijnen, maar Google lijkt te zwichten onder de druk van aandeelhouders die omzetgroei eisen. Zo is het nu - naast de VS - ook in de UK toegestaan om op merknamen van concurrenten te adverteren en om aan gokken gerelateerde advertenties te plaatsen.
Ook is het nu toegestaan om te adverteren op aan alcohol gerelateerde zoekwoorden, wat voorheen niet toegestaan was. Deze wijzigingen zullen wel degelijk extra inkomsten genereren voor Google.
Onopvallend, maar zeer effectief voor Google in termen van omzet(verhoging) zijn diverse wijzigingen in de AdWords kwaliteitsscore. Zo kan bijvoorbeeld een zoekwoord niet meer inactief zijn en dus altijd klikken genereren (= omzet voor Google).
Belangrijker zijn de wijzigingen mogelijk maken dat er nu meer advertenties kans maken op de toppositie boven de natuurlijke zoekresultaten. En dat maakt veel verschil, want - zoals diverse eyetracking onderzoeken aanwijzen - kijken en klikken de meeste zoekers op de topposities linksbovenin.
Door deze wijzigingen aan de Google AdWords kwaliteitsscore komen nu meer advertenties in aanmerking voor de topposoties. Het veilingmodel zal de prijs opdreven en daarmee de omzet van Google.


2. Display (banner) advertenties

De nummer 1 focus van Google voor 2009 is Display advertenties. Oftewel banners! Google, het bedrijf dat groot is geworden door zich af te zetten tegen display advertenties en een innovatieve zoektechnologie heeft ontwikkeld (ook voor advertenties), gaat zich nu dus ook richten op banners.

De zoekmachine werd in april 2007 een speler op de display-markt toen het een overnamebod van 3,1 miljard dollar uitbracht op DoubleClick. Tijdens de presentatie van de kwartaalcijfers vertelde Googles directievoorzitter Eric Schmidt dat er voor de voormalig baas van DoubleClick, David Rosenblatt, een nieuwe positie is gecreëerd: 'President display business'. Hij is verantwoordelijk voor de versmelting van grafische reclame-uitingen met Googles contextbiedende advertentiemachine en meetsystemen. Google zoekt nog naar de beste posities in zijn netwerk om buttons, banners en skyscrapers te vertonen. De eerste gedachten gaan uit naar online games, Youtube en profielensite Orkut.

3. Google AdSense for Games: In-Game Advertising

AdSense for Games is het adverteren in video games. Daarmee biedt Google ontwikkelaars of uitgevers van games de mogelijkhied om in-game AdSense advertenties zoals tekst, beeld en video te vertonen. Hiermee zet Goolge in samenwerking met overgenomen partner Adscape Media de eerste stappen in de gaming wereld.
Google heeft toegang tot een groot aantal bestaande Adsense-gebruikers en -adverteerders, en dat die relaties op termijn ook toegang krijgen tot Adsense for Games.
Een belangrijke voorwaarde voor succes is dat de in-game advertenties goed geplaatst worden. De reclame moet zoveel mogelijk geïntegreerd kunnen worden in het spel. Een van de manieren waarop dit normaliter met statische advertenties gedaan wordt is nauw overleg tussen adverteerder en game-ontwikkelaar over inhoud en vorm. Dat kan voor problemen zorgen bij Google, aangezien dat bedrijf veelal vertrouwt op algoritmen die op basis van context advertenties selecteren. Mocht dit echter goed uitpakken en uitmonden in een goede adverteermethode, dan is er een grote toekomst voor Adsense for Games.




4. Google Afbeeldingen met banners

Google Afbeeldingen is, na de “hoofd”-zoekmachine zelf, de populairste verticale zoekmachine van Google. Het is dan ook niet onlogisch om daar geld aan te gaan verdienen middels advertenties. De eerste testen met banner advertenties zijn inmiddels gesignaleerd:


















5. Google Maps tekstadvertenties

Zoals hierboven genoemd, lijkt Google advertenties te gaan plaatsen bij diverse tot nu toe meestal advertentie-vrije diensten. De eerste testen met (extra) tekstadvertenties, gerelateerd aan je zoekopdracht, bij het zeer populaire en veel gebruikte Google Maps zijn al gezien:

















6. Google Mobile Search
Zal mobiel als marketing en advetising instrument een vaste plek krijgen in de marketing plannen van 2009? Volgens PWC is de 'tipping point bereikt'. De belangrijkste factoren hiervoor zijn volgens het onderzoek: 1- De groei van internetadvertising 2- De snelle penetratie van nieuwe modellen 3- De groei van mobiele content 4- De groei van awareness voor dit medium.
Volgens PWC Nederland zal de mobiele internetmarkt zich in hoog tempo blijven ontwikkelen. Had in 2007 nog maar 25% van alle mobiele telefoongebruikers toegang tot draadloos internet, in 2012 zal dat naar verwachting verdubbeld zijn naar 50%. Tegelijk met deze groeiende toegankelijkheid, zal ook mobile advertising een grote vlucht nemen. De verwachte groei op jaarbasis tot 2012 bedraagt gemiddeld 38,9%. De omvang van dit segment zal daarmee stijgen van € 28 miljoen in 2007 naar € 145 miljoen in 2012. Ofwel een marktaandeel van 4% in 2007, dat groeit naar een marktaandeel van 11% van de totale internet advertising markt in 2012.
Een belangrijke bijdrage aan de groei levert de technologie. Internetvriendelijke mobiele techniek als de Blackberry en iPhone dringen steeds dieper door in de markt, waardoor mobiele gebruikers steeds langer op het internet blijven. Naar verwachting zullen de advertentiebestedingen per mobiele internetgebruiker hierdoor sterk stijgen.

En met de groei van mobiel internet (volgens CBS in 2008 zo’n 13% of 1,5 mln mensen in doelgroep 12-74 jaar) zal ook het gebruik van Google Mobile Search meegroeien. Google Mobile Search is de mobiele versie van Google’s zoekmachine en is speciaal gemaakt voor de mobiele telefoon. Google Mobile Search is een minder grafische versie van Google's zoekmachine en bevat minder functies. Ook de afmetingen van Google Mobile Search zijn aangepast om goed zichtbaar te zijn op een mobiel apparaat.

Nielsen mobiele Research heeft in 2008 cijfers bekend gemaakt als het gaat om het (internationale) gebruik van mobiele search. Google blijft ook daar veruit de grootste (gemiddeld 9 zoekopdrachten per maand). Maar liefst 81% van de mobiele zoekers gebruikt Google. Google wordt op ruime afstand gevolgd door Yahoo met 18%.
Opvallend is dat 65% van die Google-gebruikers man is. Over het algemeen wordt er mobiel met name gezocht naar informatie (33%), Local Listings (iets minder dan 30%) en Websites (ongeveer 26%).
7. Gezien op YouTube? Koop op Amazon of iTunes!

Op het Online Video Summit 2008 in Amsterdam (kijk hier voor verslag van ZOOMZ) vertelde Benjamin Faes de Head of Youtube & Display EMEA bij Google o.a. dat iedere minuut 13 uur aan video op YouTube wordt gezet! Inmiddels zijn ze gegroeid naar 350 miljoen gebruikers wereldwijd waarbij Nederland 5 miljoen unieke bezoekers per maand heeft waarvan er weer 1 miljoen iedere dag langs komen.
Kijkers van YouTube zijn niet alleen centraal; video’s worden wereldwijd op 10 miljoen unieke websites geplaatst (embed). Minder dan de helft van de content op YouTube is professioneel (ongeveer 35 % "professionele" en 65 % "user generated" content is).
Inkomsten komen nu (naast Ads) vooral uit pre-rolls bij professionele content (o.a.videoclips van muzieklabels) en experimenteren ze bij deze professionele content veel met mid-rolls en post rolls.
Ook wordt er bij YouTube getest om muziek van bijbehorende video’s te verkopen via Amazan of iTunes. Een voorbeeld van hoe dit eruit ziet:



















8. YouTube gesponsorde video’s

Ook biedt YouTube - naast de display advertentie mogelijkheden - zogenaamde ‘sponsored videos‘.












9. Google Nieuws tekstadvertenties

Ook zijn tekstadvertenties bij Google Nieuws gezien:













10. Google Finance tekstadvertenties

En Google Finance blijft ook niet achter:












Tenslotte

Een aantal van deze ontwikkelingen zal mijn inziens vooralsnog geen hele grote veranderingen teweeg brengen in de volledige advertentiemarkt.
Maar duidelijk wordt dat Google een solide fundering aan het leggen is om allerlei reclameformaten eenvoudig toegankelijk te maken voor een zo breed mogelijke markt.
Op termijn biedt dat ook grote mogelijkheden voor met name kleinere bedrijven, om toegang te krijgen tot advertentieplekken die voorheen alleen voor de grote partijen beschikbaar waren.
En zolang Google maar zorgt voor relevante content op basis van de zoekopdrachten, zal de gebruiker wel via Google blijven zoeken en klikken.

donderdag 30 oktober 2008

Interessant onderzoek over online vindbaarheid en reputatie

Het Belgische Search Engine Marketing bedrijf bSeen onderzocht in juni 2008, 70 Belgische merken op hun reputatie binnen de zoekmachines. Heel concreet werd gekeken hoe en wanneer de merknaam op verschillende aspecten naar boven kwam in de zoekmachines.

Zo hebben ze o.a. gekeken of de nummer 1 positie ook een prominente vermelding is (Google SiteLinks zie plaatje hieronder). Als je op positie één staat met SiteLinks in Google dan verschijnen verschillende links naar andere pagina’s binnen de website naast de home pagina.







Het belangrijkste van deze SiteLinks is dat je link een stuk groter een indrukwekkender getoond wordt, wat extra zichtbaarheid oplevert. Aangenomen wordt dat het voor de bezoeker lijkt dat Google de kwaliteit van deze site extra onderstreept. Dit verhoogt de geloofwaardigheid van de website en het zet aan tot klikken op één van de onderliggende links. Ook al omdat de ruimte die hiermee in beslag wordt genomen groter is dan een standaard vermelding.

SiteLinks op de merknaam zouden in principe altijd moeten voorkomen. Echter slechts 69% van de onderzochte merken heeft zo’n prominente vermelding. 31% van de merken wordt dus niet aanzien als prominent wanneer hun merk als zoekwoord wordt ingegeven. Waarom een website wel of niet zo’n SiteLinks krijgt, wordt bepaald door verschillende voorwaarden van Google.

Positieve of negatieve berichten
Ook werd het aantal vermeldingen er positieve of negatieve connotaties op de eerste resultatenpagina onderzocht. Surfers scannen de zoekresultaten die Google hen presenteert. Tijdens het scannen leest men heel snel woorden of zinsonderdelen van de verschillende sites die gepositioneerd staan. Daarbij creëren positieve omschrijvingen een positief beeld en negatieve omschrijvingen een negatief beeld. Deze omschrijvingen kunnen komen uit forums, weblogs, commentaar op weblogs, nieuwssites…enz. Deze berichten kunnen heel hoog scoren in de search engines, wat een enorme impact op het merkimago kan hebben. Zowel positief als negatief.


Een merkimago wordt dus niet enkel "gecreëerd" op de eigen website maar net zo goed op deze van derden. Belangrijk is dus om dit goed te bewaken en te beschermen en dus in de gaten te houden wat er over hen geschreven wordt (Buzz Monitoring) in de zoekmachines. Zo'n 29% van de merken verschijnt helemaal niet met een vermelding op de eerste pagina van Google, de 2de grootste groep (21%) heeft één vermelding.

Wikipedia
19% van de bedrijven verschijnt met de Wikipedia-pagina in de top-10 zoekresultaten. Hier staat informatie over het bedrijf dat een inhoudelijke toevoeging geeft aan de encyclopedische waarde van Wikipedia. Het is daarom heel belangrijk dat deze informatie up to date is en correct blijft.

Universal serach
Hierbij is gekeken hoeveel Universal Search resultaten er naar boven komen voor de merken in de top-10. Universal Search overstijgt de zoekwoorden search. Het gaat over de aanwezigheid van het merk in de zoekmachine op meerdere onderdelen van het web, zoals: nieuws, video, afbeeldingen, local/maps, boekresultaten, aandelen, producten en weblogs. Ze onderzochten alleen de aanwezigheid op pers, video en afbeeldingen, de andere elementen hebben nog geen echte opgang gemaakt in Europa.


Weblogs, video sharing sites, forums en social bookmarking hebben een steeds grotere impact op het publiek. Social media websites met user-generated content zijn in volle groei. Dankzij Universal Search slagen dergelijke websites er steeds beter in top posities te halen in Google. Mogelijk ook voor zoekopdrachten naar een merk. Weblogs hebben de afgelopen jaren een significante groei doorgemaakt in het aantal lezers en de impact die men kan hebben op een merk of product. Met de toevoeging van weblogs aan Universal Search is deze groei alleen nog maar versterkt. De manier waarop men over een merk spreekt in weblogs is dus erg belangrijk.
27% van de merken komt voor in blogberichten.

Video en afbeeldingen
Naast Nieuws en Weblogs krijgen video’s en afbeeldingen een steeds prominentere rol in de Universal search resultaten. Omdat deze veel extra aandacht krijgen van de zoeker (hun aandacht wordt er automatisch op gevestigd en de clicks gaan richting de video of afbeelding) is het erg belangrijk dat er voor uw merk geen negatieve afbeeldingen of video’s te vinden zijn. Uit Eye tracking onderzoek is gebleken dat vermeldingen van video’s op de zoekresultaten pagina alle aandacht trekken, ook al staan ze niet op de eerste plaats.
Het blijkt dat toch 25% van de merken niet te vinden is op de eerste pagina van YouTube. Als Universal Search zijn opgang maakt in Europa zal een goed bekeken filmpje verschijnen in de zoekresultaten van de zoekmachines. Het is dus belangrijk om er in aanwezig te zijn!

Ook goed geoptimaliseerde afbeeldingen en logo’s kunnen een extra bron van traffic naar de website zijn. Wanneer u de afbeeldingen op uw website op de juiste manier optimaliseert, verspreidt uw merk en logo zich over het internet via Image Search. De belangrijkste reden om de afbeeldingen op uw website te optimaliseren, is ook weer Universal Search. Als u het goed aanpakt, verschijnt uw website in de Google top-10 met een fotovermelding, wat de click-through naar uw website sterk verhoogt (23% is niet prominent te vinden via Image Search).
Interessant onderzoek dus dat m.i. voor veel bedrijven een goede aanleiding zou moeten zijn om hun vindbaarheid eens goed onder de loep te nemen. Want hoewel dit een Belgisch onderzoek is verwacht ik niet dat de uitkomsten in Nederland heel anders zullen zijn. Welk Nederlands Search Engine Marketing bedrijf of onderzoeksbureau pakt dit hier op?

zondag 24 augustus 2008

Bijna helft Search marketeers houdt geen rekening met offline kanalen


Search Engine Marketing bureau iProspect heeft afgelopen week haar meest recente studie gepresenteerd uitgevoerd door Jupiter Research. Dit keer is de integratie van online met offline marketing activiteiten door Search marketeers onder de loep genomen. Implicaties uit andere iProspect onderzoeken worden hierdoor kracht bij gezet.
Hoewel het integreren van Search met offline kanalen alles behalve nieuw is, bewijst deze studie het tegendeel. Slechts 55% van de marketeers combineert haar online activiteiten met minimaal één offline kanaal. Het meest gebruikte offline marketinginstrument daarbij is direct mail. Deze resultaten zetten een ander iProspect onderzoek: 'de invloed van offline communicatie op het online zoekgedrag' ook hier beschreven in augustus 2007 in een ander daglicht. Hier werd nog geconcludeerd dat 67% van de zoekopdrachten een direct resultaat zijn van offline kanalen. Hierbij is het adverteren via de televisie het meest invloedrijke offline kanaal wat aanzet tot zoekopdrachten (37%).

Robert Murray, President van iProspect over de resultaten: "Ondanks de duidelijke resultaten over de kracht van het integreren van Search met offline kanalen, is dat nog niet doorgedrongen tot de hedendaagse marketing strategieën. Door deze integratie niet te onderkennen, negeren Search marketeers de essentiële kanalen die voor zoekopdrachten in de zoekmachines zorgen. Er is dus een duidelijk gat tussen de Search marketing strategie en het gedrag van zoekmachinegebruikers."
Deze studie laat ook zien dat wanneer Search marketeers digitale middelen (online persberichten, afbeeldingen, video’s etc.) inzetten, zij de voorkeur geven aan afbeeldingen (58%) boven online persberichten (32%) of video’s (20%). Dit terwijl uit eerder iProspect onderzoek blijkt dat zoekmachinegebruikers eerder op nieuwsberichten (36%) klikken, dan op afbeeldingen (31%) of video’s (17%) wanneer deze allen worden getoond in de zoekmachine resultaten.
"Terwijl Search marketeers hun digitale content willen verbreden met video’s, persberichten en afbeeldingen om de concurrentie voor te blijven slagen ze er niet in om daadwerkelijk de link te leggen met de zoekmachinegebruiker” aldus Murray. “Nogmaals, er is een duidelijk gat tussen de Search marketing strategie en het gedrag van zoekmachinegebruikers. Om een maximaal resultaat te behalen zullen Search marketeers sterk rekening moeten gaan houden met het zoekmachinegedrag van haar gebruikers."
Bron Checkit nieuwsbrief

woensdag 30 juli 2008

Onderzoek naar de werking van online creatie

Microsoft Advertising heeft door marktonderzoeksbureau MetrixLab onderzoek laten verrichten naar aspecten van creatie die invloed kunnen hebben op de werking van online display advertising. Er is onder meer gekeken naar de effectiviteit van het formaat, het moment van tonen van het merk, het logo, het product en de boodschap, het type uiting (bijvoorbeeld flash of streaming), de snelheid van het tonen van tekst en de rol van interactie.
Het onderzoek is in Nederland uitgevoerd onder 695 respondenten en er zijn 30 online campagnes getest. Om de werking van creatie te kunnen vaststellen heeft MetrixLab gekeken naar de aspecten aandacht, geheugen, houding ten opzichte van de uiting en merkeffecten. Voor ieder onderdeel is een aparte test ontwikkeld, waarbij verschillende kwantitatieve en kwalitatieve technieken zijn gecombineerd.

Op grond van het onderzoek komt Microsoft tot de volgende aanbevelingen voor online advertentiecreatie:
1. Het merk en het logo kunnen het beste aan het einde van een uiting worden weergegeven. Wanneer deze continu in beeld zijn, krijgen de merknaam en het logo minder aandacht.
2. Voor de meeste impact kan de boodschap het beste aan het einde van de online uiting worden getoond.
3. Grotere formaten werken beter dan kleinere formaten. Een ‘300x250’ advertentie wordt gemiddeld door drie keer zoveel mensen opgemerkt als een leaderboard (728x90) en twee keer zo lang bekeken. Daarom komt de boodschap in een ‘300x250’ advertentie beter onder de aandacht.
4. Uitingen met snelle tekst worden beter herinnerd, maar uitingen met langzame tekst scoren beter op koopintentie, interesse en likeablility.
5. Online uitingen die niet continu herhaald worden (zonder ‘loop’) blijken effectiever dan online uitingen met ‘loop’. Het laatste beeld van de uiting is daardoor uiteraard erg belangrijk.
6. Het figureren van mensen in een online uiting is effectief. Volgens het onderzoek worden deze uitingen erg goed herkend en relevant gevonden. Ook is de call-to-action hoog.
7. De intentie om te klikken is hoger bij uitingen zonder een rechtstreekse klik-uitnodiging. De aansporing ‘klik hier’ blijkt zeker geen garantie voor succes.
8. Interactieve banners (waarin een actie wordt gevraagd aan degene die de banner bekijkt) worden niet beter herinnerd dan flash banners als er verder geen interactie plaats vindt. Maar interactieve uitingen waar wel interactie mee is geweest, scoren hoger dan flash banners op likeability, koopintentie en interesse. Dat betekent dat het ‘uitlokken’ van deze interactie erg belangrijk is voor het effect (via DutchCowboys).

Vele vragen blijven voor mij onbeantwoord zoals voor welke producten werden de campagnes ingezet, zijn het high of low involvement producten, brandingcampagnes of gericht op conversie? Is er rekening gehouden met de positie van de banner en de contact frequentie van de onderzochte banners? Is er onderscheid te maken naar verschillende vormen van richmedia? Is er een relatie tussen effectiviteit, boodschap en bezoekersprofiel? Helaas is het onderzoek nog niet beschikbaar. De uitkomsten zoals ze nu gepresenteerd zijn, zijn wat mij betreft te generiek om conclusies uit te trekken.

Bij veel van dergelijke onderzoeken merk ik dat het betreffende onderzoeksrapport nergens (online) te vinden is. Dat maakt me altijd een beetje achterdochtig. Waarom groots onderzoek doen en daarmee de pers op zoeken en dan nauwelijks onderbouwing geven? Of heb ik iets gemist? Mocht iemand het onderzoek beschikbaar hebben dan houd ik mij van harte aanbevolen
Sept 2008: Voor aanvullende onderzoekresultaten kijk hier op Frankwatching

maandag 30 juni 2008

Veel bekijks voor EK2008 streams NOS


In totaal zijn er 5.851.000 livestreams opgevraagd. De piek lag op dinsdag 17 juni toen Nederland tegen Roemenie speelde en Frankrijk tegen Italië met in totaal 504.000 opgevraagde streams die dag. Beide wedstrijden waren tegelijk te volgen.
De homepage van de EK website telde in totaal 2.771.000 views tot gisteren.
De pre-rolls (15 sec) voor de live streams zijn eerst aangeboden aan de officiële EK sponsoren maar op CocaCola na uiteindelijk ingevuld door: Nationale Nederlanden, Expert, ABN-Amro, ING, Atag, Nuon, Pfizer, L’Oreal en Samsung. Wat opviel was dat het evenement pas verderop het toernooi ging (op)leven bij adverteerders en niet een paar weken van tevoren. Het EK is nu voorbij maar de livestreams voor de Tour de France komen er volgend weekend alweer aan. Benieuwd hoe dat bekeken gaat worden (via Marketingfacts).

donderdag 3 april 2008

Google-onderzoek: online commercials werken ook voor FMCG-adverteerders

Google onderzocht samen met Harris Interactive de effectiviteit van online video in vergelijking tot televisiecommercials. De onderzoekers gebruikten hiervoor speciaal de commercials van FMCG-fabrikanten, in de hoop dat deze grote adverteerders nu eindelijk eens hun TV-budget naar online video verschuiven.

Voor het onderzoek meette Harris de impact van 30-seconden commercials uit 3 grote FMCG-categorieën (dranken, zoutjes en huidverzorging) op 3 verschillende videoplatforms; gewone televisie, Youtube en ‘embedded video’ in online content.

Uitkomsten: commercials doen het op alle platforms even goed qua effect, maar embedded video doet het net even iets beter als het gaat om het ‘beinvloeden van de koopintentie’.
De Google-studie was er met name op gericht om FMCG-fabrikanten over de streep te trekken. De meeste van hen zien internet namelijk nog steeds overwegend als een direct respons medium, zo zegt Google. Je moet de uitkomsten dus ook in dat licht bekijken.
Volgens Google moeten veel FMCG-adverteerders een emotionele grens over voordat ze internet eindelijk zien als een volwaardig ‘brand building medium’.
Blijven nog wel veel vragen open over de opzet van het onderzoek ("Wij van wc-eend adviseren wc-eend"), maar de uitkomsten bevestigen een steeds groter aantal andere onderzoeken.

Een daarvan werd vorige maand gepubliceerd door Microsoft Digital Advertising Solutions, RTL en Metrixlab. Zij wilden onder andere weten of videocommercials die voor online content worden geplaatst (denk bijvoorbeeld aan pre-rolls), effect hebben. Een verslag daarvan is hier te lezen (via Molblog).

donderdag 6 maart 2008

Sitebezoek neemt toe na start programma

Wellicht geen verrassing maar toch goed om nog even op een rijtje te zien. Zodra een programma op televisie van start is gegaan is dit van invloed op de bezoekersaantallen van de bijbehorende internetsites. De site van Wie is de Mol is in de maand januari door 338.000 unieke bezoekers bezocht. Het aantal neemt alleen maar toe zodra het programma dichterbij de finale komt. Ook op Uitzendinggemist is Wie is de Mol een groot succes, met 450.000 opgevraagde streams in de maand januari. Daarmee is Wie is de Mol het meest bekeken programma na Boer zoekt Vrouw en ONM.

Uit recent onderzoek van de Ster in samenwerking met onderzoekbureau Metrixlab op Uitzendinggemist.nl, blijkt dat één confrontatie met een streamcommercial al een positief effect heeft op de reclameherkenning- en herinnering van een product. Ook hebben de respondenten een duidelijker beeld van het imago van het product en neemt de sympathie voor het product toe wanneer men een streamcommercial heeft gezien.
Verder blijkt uit analyse dat met name de lichtere televisiekijker wordt bereikt met Uitzendinggemist. Verder geven relatief veel bezoekers van de site aan dat men klikt op commercials voorafgaand aan het bekijken van een uitzending (via Marketingfacts). Helaas kan ik het onderzoek nergens vinden dus moeten we het voorlopig met deze (niet verder onderbouwde) bevindingen doen.
In een eerdere post bestede ik al aandacht aan een onderzoek van Experian onder 75.000 Amerikanen m.b.t. de positieve effecten van streaming video reclame.

dinsdag 26 februari 2008

Mobiel internet groeide 30% in 2007 (maar nog te weinig volume om advertenties rendabel te krijgen)

Het gebruik van mobiel internet groeide vorig jaar met 30 procent. Het zal echter tot 2010 duren voordat internetten via de mobiele telefoon gemeengoed wordt. Dat blijkt uit een terugblik op 2007 door branchevereniging Open Mobiel Internet en uit 2 onderzoeken van het Ministerie van Ecomonische Zaken.
Afgelopen jaar brachten de meeste mobiele telecomaanbieders abonnementen op de markt waarmee consumenten voor een vast bedrag per maand onbeperkt konden surfen en mailen. Zo'n abonnement kost ongeveer tien euro per maand en kan gebruikt worden in combinatie met toestellen die Umts ondersteunen. Volgens GfK wisselen Nederlanders gemiddeld iedere 3 jaar van toestel. De acceptatie van mobiel internet gaat derhalve gestaag. Daar komt bij dat 50 procent van de Nederlanders een prepaid-account heeft, dus ook geen flat fee internetabonnement. Ook dat vertraagt de algemene acceptatie. De populairste onderwerpen op mobiele websites zijn Nieuws, Weer, Verkeer en Sport.
Maurice Pothof, tot voor kort lid van het management team van Google Nederland en nu mede-eigenaar van Netsociety.nl, zegt over mobiele adverteren: "Het is lastig om mobiel internet met adverenties rendabel te krijgen. Er is nog te weinig volume qua gebruikers om het bedrijfsmodel sluitend te krijgen."
Paul Brackel van het OMI schat in dat rond het jaar 2010 een kwart van de Nederlanders een toestel heeft dat geschikt is voor mobiel internet. Nu is dat ongeveer de helft. Dat blijkt uit ook onderzoeken die het Ministerie van Economische Zaken afgelopen maanden uit liet voeren. Het ministerie meldt in een persbericht: "Maar 10 procent van de Nederlanders zegt eens per maand of vaker met een mobiel toestel te internetten. Een kwart van de ondervraagden is ook negatief over de traagheid en de kosten. In 2010 kan de helft van de jongeren internetten op een mobiel toestel. Mobiel televisie kijken staat amper op het verlanglijstje van Nederlandse consumenten. Volgens een onderzoek van Motivaction acht 12 procent van de ondervraagden het waarschijnlijk dat ze 06-televisie zullen kopen als het 'schappelijk geprijsd' is (via Emerce).